Brief 1

Drie vrouwelijke Iraanse activisten Anisha Assadolahi, Atefeh Rangriz en Neda Naji namen op 1 mei deel aan een vreedzame bijeenkomst. Veiligheidsagenten sloegen de bijeenkomst hard uiteen en pakten tientallen mensen op, onder wie de drie vrouwen. Toen journalist Marzieh Amiri informeerde wat er gebeurd was, werd ook zij gearresteerd. Alle vier de vrouwen worden nu valselijk beschuldigd van misdrijven tegen de nationale veiligheid; ze zouden onder meer ‘propaganda tegen de staat hebben verspreid’. Amnesty roept de Iraanse autoriteiten op de vier vrouwen onmiddellijk vrij te laten en hen in de tussentijd goed te behandelen.

 

Brief 2

De inheemse Tekoha Sause-gemeenschap in Paraguay werd in de jaren ’70 van hun land verjaagd, waar zonder hun instemming een waterkrachtcentrale werd gebouwd. Drie jaar geleden keerden ze terug naar een deel van hun land. Het staatsbedrijf dat eigenaar is van de waterkrachtcentrale eist dit land nu weer op. Mogelijk worden de Tekoha Sause dus weer verdreven van het land dat al zo lang hun woongebied is. Amnesty roept de president van Paraguay op ervoor te zorgen dat de inheemse Tekoha Sause op hun land kunnen blijven wonen.

 

Brief 3

De prominente mensenrechtenverdediger Emir-Usein Kuku zit al bijna drie jaar vast. Hij bleef na de Russische annexatie van de Krim in 2014 opkomen voor de rechten van de Krimtataren, een islamitische minderheid waartoe hij zelf ook behoort. Om hem de mond te snoeren wordt Kuku valselijk beschuldigd van een misdrijf. Hij kan 25 jaar cel krijgen. Amnesty roept de Russische autoriteiten op Emir-Usein onmiddellijk en onvoorwaardelijk vrij te laten.